→LOGE

Symbolen zijn tekens, beelden, uitdrukkingen, die een dubbele gerichtheid bevatten. Het symbool ontleent zijn bijzondere kracht aan het gegeven dat de letterlijke betekenis verwijst naar een tweede, die de eerste overstijgt. In een symbool vallen de ‘feitelijke’ en de beleefde werkelijkheid samen; ze zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden. Bijvoorbeeld: de kroon is een hoofdtooi, maar symboliseert ook koningschap.

In de vrijmetselarij kunnen de symbolen voor verschillende leden verschillende betekenissen hebben, maar wel vaak met een min of meer gelijke kern. Bijvoorbeeld: de winkelhaak betekent voor de een het streven naar juiste – rechte – verhoudingen. Voor de ander is het een meetinstrument. Gemeenschappelijk is dat de winkelhaak dient om de maat te nemen – en dan niet de ander, maar vooral jezelf.

Het gebruik van symbooltaal is een universeel kenmerk van de vrijmetselarij. Deze symbooltaal wordt als middel en methode gehanteerd in de verschillende graden van inwijding. Als vrijmetselaar ontdek je de betekenis van deze symbolen bij het doorlopen van de verschillende graden van inwijding, namelijk die van Leerling, Gezel en Meester.